STRAFRECHT

U MOET TERECHT STAAN


Inleiding:  In deze brochure vindt u informatie over het verloop van het strafproces. Hebt u een overtreding begaan dan komt u bij de kantonrechter terecht, wordt u ervan verdacht een misdrijf te hebben gepleegd dan gaat uw zaak naar de rechtbank. Tijdens de zitting is de gang van zaken voor het kantongerecht en de rechtbank ongeveer gelijk. In deze brochure wordt uitgegaan van de rechtbank. Van zaken die in eerste instantie door de kantonrechter worden behandeld, kunt u in hoger beroep gaan bij de rechtbank. Komt uw zaak direct voor de rechtbank dan moet u voor hoger beroep naar het gerechtshof. U kunt maar een keer in hoger beroep. Daarna kunt u alleen nog in cassatie bij de Hoge Raad. Meer over hoger beroep vindt u verderop in deze brochure.


inhoud  

1 Voor wie is deze brochure

Deze brochure is voor u bestemd als u een dagvaarding hebt ontvangen om voor het gerecht te verschijnen en u niet in voorarrest zit. U ontvangt uw dagvaarding dus gewoon thuis. Zit u wel in voorarrest dan geldt een aantal andere regels. In het Huis van Bewaring kunnen ze u hier meer informatie over geven.

2 De dagvaarding

In de dagvaarding die u ontvangt kunt u lezen welk feit de officier van justitie u ten laste legt. Dat is het strafbare feit waarvan men u verdenkt. Ook vindt u in de dagvaarding waar en wanneer de behandeling van uw zaak ter terechtzitting zal plaatsvinden.

Bezwaarschrift,
Misschien vindt u dat u ten onrechte bent gedagvaard. U kunt dan bij de griffie van de rechtbank een bezwaarschrift indienen. U hebt hiervoor 8 dagen de tijd. Het bezwaarschrift richt u aan de rechtbank waar u moet voorkomen. In het bezwaarschrift omschrijft u zo duidelijk mogelijk waarom u het niet eens bent met de dagvaarding. Bijvoorbeeld omdat u gedagvaard bent voor de verkeerde rechtbank of omdat u meent dat u niet schuldig bent. De rechtbank zal een beslissing nemen over uw bezwaarschrift. Het kan zijn dat de rechter u vragen over uw bezwaar stelt. Vindt de rechter uw bezwaar ongegrond of niet-ontvankelijk, dan wordt uw zaak gewoon op de in de dagvaarding vermelde plaats en tijd behandeld. Overleg vooraf met uw advocaat of een bezwaarschrift in uw geval zin heeft.

3 Rechtsbijstand

In strafzaken bent u niet verplicht om een advocaat in de arm te nemen. U mag dus uw eigen verdediging voeren. Wordt u verdacht van een misdrijf dan is het wel verstandig een advocaat in te schakelen. Wilt u zich laten bijstaan door een advocaat, schakel die dan zo snel mogelijk in. Hij kan zich dan tijdig op uw zaak voorbereiden. Als u de rechtsbijstand niet zelf kunt betalend, dan kan uw advocaat een toevoeging voor u vragen.
U betaalt dan wel een eigen bijdrage. Hoe hoog die bijdrage is, is afhankelijk van uw inkomen en vermogen. Wij kunnen u hier meer over vertellen. Als u in voorarrest zit krijgt u "automatisch" een advocaat toegewezen. U kunt ook om een andere advocaat vragen. Ook als u hebt bekend dat u het strafbare feit hebt gepleegd, of u bent van plan om dit op de zitting te bekennen, dan nog kan het verstandig zijn om de hulp van een advocaat in te roepen. Hij weet immers precies hoe alles in z'n werk gaat en welke mogelijkheden u hebt.

4 Slachtoffer

Als in uw zaak een slachtoffer heeft geleden dan kan deze op de zitting een schadevergoeding vragen. Als de rechter deze schadevergoeding toekent moet u dit bedrag aan het slachtoffer betalen.

5 Inzage in uw dossier

Van uw zaak is een dossier gemaakt. Hierin zitten stukken van politie, openbaar ministerie enz. U kunt uw dossier inzien bij de griffie van de rechtbank. Het beste is hiervoor van te voren een afspraak te maken. U kunt stukken uit het dossier overschrijven of tegen betaling om een kopie van de stukken vragen. Natuurlijk kunt u dit ook aan uw advocaat overlaten. Die zal vaak inzage willen in de stukken om zich goed voor te kunnen bereiden op de zaak.

6 Getuigen en deskundigen

De officier van justitie kan getuigen en deskundigen oproepen om op de zitting te verschijnen. Deze getuigen en deskundigen worden in de dagvaarding genoemd. U kut ook zelf getuigen en deskundigen oproepen of meenemen naar de zitting, als u denkt dat zij voor u belangrijke verklaringen kunnen afleggen. Denkt u dat zij niet willen komen, dan kunt u de officier van justitie vragen hen te dagvaarden.

De kosten die verbonden zijn aan het oproepen en verschijnen van getuigen en deskundigen op uw verzoek, moet u zelf betalen (bijvoorbeeld reis- en verblijfskosten).

Bent u van plan om getuigen en deskundigen op te roepen, mee te nemen ofte laten dagvaarden dan moet u dat uiterlijk 3 dagen voor de zitting persoonlijk of per aangetekende brief aan de officier van justitie laten weten.
U geeft hierbij hun naam, beroep en adres op. De officier zorgt vervolgens voor de oproeping of dagvaarding De officier kan echter ook weigeren bepaalde getuigen of deskundigen op te roepen. Hij zal u over deze beslissing informeren. Bent u het hier niet mee eens dan kunt u bij de rechtbank een verzoek indienen om de officier van justitie alsnog deze personen op te laten roepen of te dagvaarden.

(getuigen en deskundigen die door de officier van justitie worden gedagvaard, zijn verplicht om te verschijnen en een verklaring af te leggen. Meer informatie hierover vindt u in de brochure "Getuige in een strafproces")

7 Uitstel

Uitstel van de zitting kunt u krijgen als u kunt aantonen dat u zich niet vol doende op de behandeling hebt kunnen voorbereiden. U moet dan wel de reden opgeven. Ook kan de zitting worden uitgesteld als u op het geplande tijdstip onmogelijk aanwezig kunt zijn - bijvoorbeeld omdat u ziek bent.
Voor het vragen van uitstel kunt u terecht bij de griffie van het gerecht waar u moet voorkomen.Vraag dit uitstel zo spoedig mogelijk na ontvangst van de dagvaarding. U kunt dit natuurlijk ook aan uw advocaat overlaten.

8 Verstek

U bent niet verplicht om op de dagvaarding te reageren of om op de zitting te verschijnen. Doet u helemaal niets dan wordt uw zaak op verzoek van de officier van justitie "bij verstek" behandeld. Uw advocaat kan in dit geval meestal ook niets voor u doen. Soms zal de rechter geen verstek verlenen, omdat hij vindt dat u perse aanwezig moet zijn. De zaak wordt dan uitgesteld en u wordt nogmaals opgeroepen.

Wilt u wel reageren maar niet op de zitting verschijnen, dan kunt u de rechter een brief schrijven. In deze brief geeft u uw mening over hetgeen u in de dagvaarding wordt verweten. De rechter kan dit dan in zijn oordeel betrekken.

Is de rechter van mening dat u absoluut op de zitting aanwezig moet zijn, dan kan hij u laten halen door de politie.

9 Openbaarheid

Terechtzittingen zijn in de regel voor iedereen toegankelijk, dus ook voor uw familie en kennissen. De pers wordt ook toegelaten.
Is er om bijzondere reden ernstig bezwaar tegen een openbare behandeling dan kan de zaak met gesloten deuren worden behandeld. Het publiek en meestal ook de pers moet dan de zaal verlaten.

Wilt u dat uw zaak met gesloten deuren wordt behandeld dan moet u dat direct aan het begin van de zitting aan de rechter vragen.

10 Behandeling van de zaak

Als u niet precies weet in welke zaal u moet zijn kunt u zich melden bij de portier van het gerechtsgebouw. Hij zal u wijzen waar u moet zijn. Meestal kunt u wachten op de gang. Als de zaak begint wordt u gevraagd in de zaal te komen.

Bij de politierechter en de kantonrechter is in de zaal één rechter, een griffier en de officier van justitie aanwezig. Wordt uw zaak behandeld door de meervoudige kamer van de rechtbank dan zijn er, naast de griffier en de officier van justitie, drie rechters aanwezig. De rechter in het midden is de voorzitter.
De rechter begint met het vragen van uw naam. Daarna zal hij u zeggen dat u goed op moet letten en dat u niet verplicht bent om vragen te beantwoorden.
Vervolgens leest de officier van justitie de tenlastelegging voor. De tenlastelegging kent U al uit de dagvaarding.
Zijn er getuigen en deskundigen opgeroepen, dan worden hun namen voor gelezen. Hebt u getuigen of deskundigen meegenomen die niet genoemd zijn dan moet u die op dat moment direct opgeven. Doet u dat niet dan hoeft de rechter hen niet te horen.

10.1 Getuigen- en deskundigenverhoor
Alle getuigen of deskundigen moeten een eed of belofte afleggen; zij zijn ook verplicht te antwoorden.
Getuigen en deskundigen worden eerst door de rechter ondervraagd.
De getuigen en deskundigen die door de officier zijn opgeroepen worden vervolgens door hem ondervraagd. Daarna kunt u of uw raadsman nog vragen stellen. Bij getuigen en deskundigen die op uw verzoek werden opgeroepen is de volgorde andersom.

Getuigen worden één voor één ondervraagd. De rechter zal de anderen vragen de zaal te verlaten. Ze horen elkaars verklaringen dus niet.

Na het getuigen- en/of deskundigenverhoor vraagt de rechter u wat u van de afgelegde verklaringen vindt.

10.2 Dossier
Daarna vertelt de rechter welke schriftelijke stukken er in uw dossier zitten, zoals het proces-verbaal van de politie, een voorlichtingsrapport van de reclassering enzovoorts. Zoals u hiervoor kon lezen hebben u en uw advocaat deze stukken in kunnen zien bij de griffie van de rechtbank.

Als u wilt dat er uit de stukken nog iets wordt voorgelezen tijdens de zitting, dan kunt u dat aan de rechter vragen Hij mag dit verzoek weigeren als hij vindt dat de zaak hem voldoende duidelijk is.

10.3 Ondervraging
Hierna bent u aan de beurt. De rechter zal u ondervragen.
Als verdachte bent u niet verplicht om op deze vragen te antwoorden.U hoeft ook niet, zoals de getuigen een eed of belofte af te leggen

10.4 Eis
Als de rechter voldoende weet over uw zaak geeft hij het woord aan de officier van justitie. Deze zal nu op zijn beurt zeggen wat hij van de zaak vindt; dat heet het requisitoir. Tenslotte zegt hij welke beslissing er volgens hem zou moeten worden genomen. Dat is de eis. De eis is een voorstel van de officier van justitie en de rechter kan anders beslissen.

10.5 Pleidooi
Nadat de officier van justitie zijn eis heeft voorgelezen, krijgt u (of uw advocaat) het woord. U kunt dan alles naar voren brengen waarvan u denkt dat het voor uw verdediging van belang is. Dit heet het pleidooi.
De officier mag daar weer op reageren.Vervolgens krijgt u of uw advocaat nogmaals het woord. Tenslotte hebt u, als verdachte, in ieder geval het laatste woord maar u hoeft daar geen gebruik van te maken.

10.6 Vonnis
Het proces eindigt uiteindelijk met een vonnis van de rechter.
Dit kan zijn: vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging of een veroordeling.
De rechter kan u veroordelen tot een geldboete, gevangenisstraf, hechtenis of het verrichten van werkzaamheden (de zogenoemde dienstverlening).

Naast de hoofdstraf zijn er nog enkele bijkomende straffen of maatregelen mogelijk zoals ontzegging uit bepaalde rechten (uw rijbewijs wordt bijvoorbeeld ingenomen) en goederen kunnen verbeurd worden verklaard. Ook ter beschikking stelling (tbs) behoort tot de mogelijkheden. Bij het bepalen van de straf en de strafmaat houdt de rechter rekening met de aard en de ernst van het door u gepleegde strafbare feit en de omstandigheden waaronder u het feit hebt begaan.
Wordt u een geldboete opgelegd, dan houdt de rechter ook rekening met uw financiële draagkracht.

10.7 Uitspraak
De kantonrechter en de politierechter doen meestal onmiddellijk na de zitting uitspraak. U krijgt ook te horen of hoger beroep mogelijk is. Bent u niet van plan om in hoger beroep te gaan, dan kunt u daar direct afstand van doen.

U mag er ook nog over nadenken, want u hebt twee weken de tijd om te beslissen.

De rechtbank (meervoudige kamer) doet in het algemeen niet direct uitspraak. De president van de rechtbank vertelt u aan het einde van de zitting wanneer de uitspraak zal zijn. Dat moet binnen 14 dagen na de zitting. Hiervoor ontvangt u weer een oproep. U bent niet verplicht om bij de uitspraak aanwezig te zijn. U kunt namelijk ook bij de griffie van de rechtbank informeren hoe het is afgelopen. Doe dat wel zo snel mogelijk, anders hebt u kans dat de termijn voor hoger beroep is verstreken.

11 Hoger beroep

Wilt u hoger beroep aantekenen dan meldt u dit binnen veertien dagen na de uitspraak bij de griffie van de rechtbank of het kantongerecht. Ook uw advocaat of iemand anders (die u hiervoor schriftelijk moet machtigen) kan dat voor u doen. Houdt er rekening mee dat ook de officier van justitie in hoger beroep kan gaan. Dat doet hij als hij het niet eens is met de uitspraak van de rechter. U ontvangt hiervan bericht.

In hoger beroep wordt uw zaak helemaal opnieuw behandeld door de recht bank of het gerechtshof De gang van zaken bij een gerechtshof verschilt niet veel van die bij de rechtbank. Bij het hof zijn altijd drie rechters, die heten raadsheren. Ook de officier van justitie heet anders, namelijk advocaatgeneraal of procureur-generaal. De procedure tijdens de zitting is verder hetzelfde als bij de rechtbank.

12 Vergoeding van kosten als geen straf is opgelegd

Als uw zaak definitief is geëindigd zonder oplegging van een straf of maatregel, dan kunt u binnen 3 maanden vergoeding vragen van kosten die u hebt moeten maken.
Vergoeding is niet mogelijk als u wel schuldig bent verklaard, maar de rechter legt u geen straf op vanwege uw persoonlijke omstandigheden (het zogenoemd de rechterlijk pardon).
Voor vergoeding komen in aanmerking reis- en verblijfskosten, advocaatkosten en alle eventuele andere kosten die u hebt gemaakt in het belang van het onderzoek.

U kunt hierbij denken aan kosten voor getuigen en deskundigen. Ook voor inkomsten, die u door het onderzoek gemist hebt, kunt u een vergoeding vragen. De mogelijkheid uw kosten vergoed te krijgen geldt zowel voor het onderzoek op de zitting als voor het gerechtelijk vooronderzoek. Een verzoek tot vergoeding van uw kosten moet u indienen bij de griffie van het gerecht waar uw zaak behandeld is. De griffie kan u hier nader over informeren.

13 Andere brochures

14 Adressen en telefoonnummers rechtbanken

 


Mr G. Jairam Email adres: info@advokaat.net